Zij staan voor je klaar

Elke leerling heeft een mentor, dat is één van de docenten. De mentor is de eerste om leerlingen te ondersteunen. Elke week is er een mentorles, waarin je met je klas allerlei dingen met de mentor kunt bespreken. Ook is de mentor er meestal bij tijdens de huiswerkbegeleidingsuren. De mentor voert met jou en je ouders regelmatig gesprekken om te kijken hoe het met je gaat.

Naast de mentor is er een zorgteam. Hier kun je terecht als je veel moeite hebt met rekenen (dyscalculie) of lezen (dyslexie), of als je een probleem hebt dat je liever niet met je mentor bespreekt.

Als je voor een bepaald vak extra hulp nodig hebt kun je na de les altijd naar de docent toe om extra hulp te vragen. Veel leerlingen vinden het ook makkelijk om even een mailtje naar de docent te sturen. Als je elke week extra hulp zou willen hebben, kun je vragen om een buddy. Een buddy is een leerling uit een hogere klas. Voor 3 euro per lesuur kun je een buddy inhuren om jou bijles te geven. Als je zelf bijles geeft aan iemand anders kun je het geld weer terugverdienen. Dat is ondernemend leren!

In klas 3, 4 en 5 krijgt iedere leerling een studentmentor. Dat is een student van de Hogeschool die jou helpt met je huiswerk, maar vooral ook met het nadenken over een vervolgopleiding. Na een speeddate op school kies jij je eigen mentor, met wie je wekelijks afspreekt, oftewel: Mentoren op Zuid.